De chaos van de goede bedoelingen oplossen.’ Zo omschrijft Max van Riel wat hij met Struck wil bereiken. Het bedrijf is sinds kort aangesloten bij het DMI-ecosysteem. In deze ‘Even voorstellen’ maken we kennis met Max, CEO van Struck. Hij vertelt wat Struck doet, waarom het bedrijf zich heeft aangesloten bij DMI en waar hij kansen ziet om samen met andere deelnemers stappen te zetten.
Wie ben je en wat is jouw functie binnen het bedrijf?
“Ik ben Max van Riel en ben tweeënhalf jaar geleden begonnen met Struck. Daarvoor werkte ik samen met bedrijven die technologie en software ontwikkelen om bestaande gebouwen slimmer te maken. Je las toen steeds meer over de woningbouwcrisis. Tegelijkertijd kwam AI sterk op. Ik ontmoette een compagnon die daar al veel vanaf wist en we zijn toen met architecten, ontwikkelaars en later ook gemeenten gaan praten: waar stokt het nou voor jullie in het proces? En natuurlijk is dat niet één specifiek ding. Maar een grote gemene deler was er wel, met wet- en regelgeving die voor enorm veel vertraging zorgt. En die bestaat voor een groot deel uit tekst, die je met AI goed kunt benaderen. Zo zijn we van regels naar resultaten gegaan.”
“In eerste instantie ging het er vooral om antwoord te geven op een vraag, onderbouwd met de bron. Inmiddels gaat het veel meer om checks: dit ben ik van plan, mag dat? Dan krijg je een volledige analyse. Onze gebruikers doen dat vooral zelf, want we zijn geen consultancyclub. Onze gebruikers kunnen zelf vragen stellen aan het platform. Bijvoorbeeld: wat mag ik op deze locatie bouwen? Op basis van het adres analyseert Struck de relevante omgevingsplannen en krijg je een overzicht van wat wel en niet mogelijk is, met daarbij de bronnen.”
Hoe zijn jullie in contact gekomen met DMI?
“Van DMI had ik eerst het beeld dat het heel erg om gebiedsontwikkeling ging. Ik heb toen ook gezegd: ik wil best aansluiten en meedenken, maar in alle eerlijkheid kunnen wij op dit moment nog weinig doen op dat gebied. Daar liggen immers vaak nog geen concrete plannen.
En toen kwam ik op de PROVADA iemand van de gemeente Apeldoorn tegen. Die vertelde dat hij vanuit de vergunningenkant bij DMI betrokken was. Toen dacht ik: wacht even, als dat het geval is, dan ga ik er ook aan de slag. Voor ons werd DMI daarmee ineens veel relevanter. Het kwam dichter bij het terrein waarop wij daadwerkelijk iets kunnen betekenen.”
Waarom zijn jullie lid geworden van DMI?
“Toen ik hoorde dat DMI nu ook echt die richting van vergunningen op ging, wilde ik ook aangesloten zijn. Wij willen sowieso aan beide kanten groeien: bij gemeenten en bij private partijen. Ik denk dat het vooral interessant is om met DMI en Struck te kijken hoe we die twee kanten bij elkaar kunnen brengen.”
“Dat samenspel zie je nu al ontstaan. Bij gemeenten zijn ze dagelijks met regelgeving bezig en zien ze dat onze toepassing het werk kan versimpelen of verlichten. Tegelijkertijd ontstaat vanuit de private markt de gedachte: als de gemeente dingen hiermee kan controleren, kan ik dat zelf ook vooraf al doen. Er ontstaat een soort netwerkeffect.”
Wat is je indruk van DMI tot nu toe?
“Het is soms best lastig om binnen alle verschillende initiatieven te bepalen wat wel of niet handig voor ons is. Daarin moeten we onze weg nog vinden. We zijn ook nog maar net aangesloten.”
Welke onderwerpen binnen DMI spreken jullie het meeste aan?
“Vergunningen zijn voor ons op dit moment het meest concrete onderwerp. Daarop kunnen we ook echt iets toevoegen. We willen van snelle inzichten in bouwregelgeving echt naar snellere vergunningverlening. Het is leuk dat je snel een antwoord kunt vinden op een vraag, maar je uiteindelijke doel is die vergunning. Dus de vraag is: hoe kunnen we dat proces versnellen? Hoe kunnen we bijvoorbeeld een volledige aanvraag direct controleren? Daar ligt voor ons de komende tijd de uitdaging en de interesse.”
“Gebiedsontwikkeling vind ik daarnaast heel belangrijk. Op dit moment kunnen we daarin nog niet altijd iets betekenen, omdat er in een vroege fase vaak nog geen concrete plannen zijn om aan regelgeving te toetsen. Maar ik denk wel dat we daar nog belangrijke stappen in kunnen maken, ook samen met DMI.”
Waar zie je mogelijkheden om samen te werken binnen DMI?
“Er is veel software beschikbaar, bijvoorbeeld op parametrisch gebied, waarvoor je toch behoorlijk wat kennis nodig hebt om ermee te kunnen werken. Bij ons is de software laagdrempelig in gebruik. De omgevingsplannen zijn via een API rechtstreeks gekoppeld aan het Omgevingsloket. Andere informatie, bijvoorbeeld vanuit welstandsnota’s en parkeernormen, houden we via ons eigen platform bij. In de toekomst willen we ook 3D-modellen kunnen uploaden en controleren.”
“Voor ons is het interessant om binnen DMI de verschillende partijen bij elkaar te brengen. We hebben al goede contacten binnen het domein van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en willen tegelijkertijd de verbinding met andere partijen versterken. Over een jaar hoop ik dat we binnen DMI echt de partner zijn voor het hele vergunningendeel en dat we daarnaast een bijdrage kunnen leveren in de gebiedsontwikkeling.”